17 februari 2026
De bestaanszekerheid van werknemers staat op de helling. De VCP is geschokt door de bezuinigingen die de aankomende minderheidscoalitie voorstelt voor de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WIA). “Wij dringen al lang aan op het aanpakken van de hardheden in de WIA. In plaats van te zoeken naar oplossingen komt de coalitie met keiharde bezuinigingsmaatregelen. De WIA is een belangrijke werknemersverzekering tegen inkomensverlies bij arbeidsongeschiktheid. Arbeidsongeschikte werknemers dreigen aan hun lot overgelaten te worden”, zegt VCP-voorzitter Nic van Holstein. “Stapeling van de verschillende bezuinigingsmaatregelen zorgen direct voor financiële problemen, zonder enig perspectief. Daar komen stijgende zorgkosten nog bij, iets waar deze groep veel mee te maken heeft.”
Het afschaffen van de inkomensvoorziening voor volledig arbeidsongeschikten (IVA) voor nieuwe gevallen raakt volledig duurzaam arbeidsongeschikten werknemers. Voor deze groep waar perspectief op re-integratie gering is, bedraagt de uitkering momenteel 75% van het laatstverdiende maandloon. Het afschaffen van de IVA betekent een lagere uitkering en grote onzekerheid. Voor deze groep komt er immers een re-integratieverplichting, terwijl zij volledig en langdurig arbeidsongeschikt zijn en eigenlijk geen arbeidsmogelijkheden hebben.
Een beetje verborgen maar ingrijpende maatregel: de loongerelateerde WGA is gekoppeld aan de WW-duur, die de coalitiepartijen willen verkorten van twee naar één jaar. Mensen die arbeidsongeschikt zijn komen daardoor veel eerder in de lage WGA-vervolguitkering terecht, die voor een gedeeltelijk arbeidsongeschikte vaak ver onder het sociaal minimum ligt. De aanvulling wordt namelijk alleen betaald wanneer de gedeeltelijk arbeidsongeschikte voldoende werkt. Het schrijnende is dat gedeeltelijk arbeidsongeschikten vaak geen passend werk kunnen vinden. De VCP heeft samen met FNV en CNV de vervolguitkering daarom als hardheid in de WIA aangemerkt. In plaats van verbeteren van de regeling komen mensen nu sneller in deze knellende situatie.
“Het risico op armoede is groot. Ook de aanvullende toeslag van het UWV (tot maximaal het sociaal minimum) biedt nauwelijks bescherming. De inkomensterugval voor mensen is enorm. Het verschil tussen de wettelijke arbeidsongeschiktheidsverzekering en de bijstand is bijna nihil”, zegt Van Holstein. Daarnaast wordt de UWV-toeslag nauwelijks gebruikt, omdat die wordt getoetst aan het inkomen van de partner waardoor veel mensen er niet voor in aanmerking komen.
Tegelijkertijd wordt in het coalitieakkoord het maximumdagloon met 20% verlaagd naar € 5.293 bruto per maand. Houd je rekening met een uitkeringspercentage van 70% dan komt de maximale uitkering op € 3.705 bruto per maand. Boven dat inkomen zijn werknemers voor het meerdere dan niet meer verzekerd. De werknemersverzekeringen zijn inkomensverzekeringen, maar door de verlaging van het maximumdagloon wordt de sociale zekerheid beperkt en worden arbeidsongeschikte werknemers steeds meer op zichzelf teruggeworpen.
Verder wil de coalitie zogenaamd inzetten op een activerender stelsel op een menselijke manier. Van Holstein: “Dat doe je niet door te bezuinigen op de re-integratiebudgetten en het stelsel af te breken, maar door te investeren in mensen en de ondersteuning te bieden waar ze behoefte aan hebben. Arbeidsongeschikte werknemers worden zo volledig in de steek gelaten.”
Er wordt € 100 miljoen bezuinigd op het re-integratiebudget om te kunnen investeren in Leven Lang Ontwikkelen. Dat gaat in tegen het recente advies om de budgetten mee te laten bewegen met de instroom; iets waar tot nu toe geen rekening mee werd gehouden. Uit meerdere onderzoeken blijkt dat er veel winst zit in begeleiding naar werk, maar daar wordt niets mee gedaan. Sterker nog, er wordt nu zelfs op bezuinigd. Dit terwijl algemeen bekend is dat financiële stress enorm belemmerend is om aan het werk te gaan.
Overheid, politiek, onderzoeksinstellingen en sociale partners wijzen voortdurend op verhoging van de WIA-instroom. Voor een deel is dat het gevolg van een verouderde beroepsbevolking, de coronapandemie en meer psychische problematiek. Maar deze verhoogd instroom is ook het gevolg van overheidsbeleid, zoals langer moeten doorwerken en maatregelen vanwege de uitvoering.
Door de AOW-leeftijd 1-op-1 te koppelen aan de levensverwachting zal de instroom verder toenemen. Van Holstein: “Dit is een directe breuk met het pensioenakkoord. Voor veel mensen is nóg langer doorwerken niet realistisch en lopen zij juist het risico om eerder uit te vallen. Met een zeer uitgeklede verzekering zullen de gevolgen voor deze mensen enorm zijn. En alles wat zij hebben opgebouwd zal in rap tempo verdwijnen als sneeuw voor de zon.”