21 november 2025
Nederlandse werknemers leren veel van hun werk en door scholing. Steeds meer werknemers geven aan dat ze blijven leren, maar tegelijkertijd daalt het aandeel bedrijven waar een groot deel van het personeel scholing volgt. Dat blijkt uit de Monitor Leercultuur 2025 van de SER en TNO, die op 20 november verscheen. De Vakcentrale voor Professionals (VCP) vindt het belangrijk dat werkenden hun kennis, vaardigheden en creativiteit blijven ontwikkelen. Daarbij ziet de VCP een belangrijke rol voor de overheid.
VCP-voorzitter Nic van Holstein. “Technologische ontwikkelingen en transities – zoals artificiële intelligentie (AI) – gaan snel en vragen steeds meer van de wendbaarheid van werkenden en de Nederlandse arbeidsmarkt. In deze tijd van grote veranderingen betekent stilstaan in je ontwikkeling dat je gemakkelijk achteropraakt. Het is daarom belangrijk dat de overheid actief stimuleert dat werknemers zich blijven ontwikkelen.”
Ruim een op de vijf werkenden volgde recent al een opleiding of cursus om zich voor te bereiden op toekomstige veranderingen in hun werk. Een aandachtspunt daarbij is dat Nederland ten opzichte van andere Europese landen achterblijft. In 2024 stond Nederland op de zesde plaats binnen de EU als het gaat om deelname aan formele scholing, eerder was dat de vierde plaats. Als het gaat om informeel leren – van en tijdens het werk – neemt Nederland de achtste positie in Europa in.
Uit de monitor blijkt dat werknemers bereid zijn om te leren. De meeste werknemers (87%) leren van uitdagende taken of van collega’s, leidinggevenden en klanten. Ruim de helft van de werknemers (54%) geeft aan dat zij de afgelopen twee jaar een formele opleiding of cursus heeft gevolgd. Dat aandeel is iets gestegen ten opzichte van 2020 (49%). Het aandeel bedrijven waar meer dan driekwart van de werknemers scholing volgde, daalde van 21% (2021) naar 17% (2024). Deze daling treedt vooral op bij (middel)kleine bedrijven.
De monitor laat een tweeledig beeld zien over de mate waarin leergedrag door de werkgever wordt gefaciliteerd. Leidinggevenden stimuleren de ontwikkeling van medewerkers steeds vaker, maar werknemers voelen zich steeds minder bevlogen of verbonden met de organisatie. Werknemers vinden leren wel belangrijk en hebben er behoefte aan.
De VCP vindt het positief dat er bij bedrijven nog steeds aandacht is voor scholing en dat werknemers het nut ervan inzien. Van Holstein: “Toch maak ik me zorgen over de achterblijvende ondersteuning vanuit de overheid. Eerst werd de scholingsaftrek afgeschaft, toen het STAP-budget. Daardoor worden werkenden steeds afhankelijker van hun werkgever voor hun ontwikkeling. Om Nederland concurrerend en innovatief te houden is een goed opgeleide bevolking essentieel. Dat vraagt om inzet van werknemers, werkgevers en van de overheid.”