22 april 2026
Met de inwerkingtreding van de Wet toekomst pensioenen (Wtp) verandert de manier waarop je pensioen opbouwt. In de media verschijnt berichtgeving dat met de transitie het voor pensioendeelnemers tussen de 40 en 60 jaar misschien beter is om even niet van werkgever te veranderen. Wij leggen het je uit.
Met de nieuwe pensioenwetgeving dragen jongeren niet meer bij aan de pensioenopbouw van oudere collega’s. Zolang er genoeg jongeren zijn gaat dat van generatie op generatie goed. Voor de pensioenpremie werd een vast opbouwpercentage gebruikt dat onafhankelijk was van leeftijd: de doorsneemethodiek. Met de Wet toekomst pensioenen (Wtp) is de doorsneesystematiek afgeschaft en gaat premie in het eigen pensioenpotje. Bij de overgang naar de nieuwe systematiek speelt daarmee wel het vraagstuk rond compensatie.
Aan veel cao-tafels en tafels waar de werkgever met de OR over de pensioenregeling zaten, is in overleg met pensioenuitvoerders gesproken over de overgang naar het nieuwe pensioenstelsel en de effecten om afspraken te kunnen maken in het transitieplan. De VCP heeft cao-onderhandelaars geadviseerd om, alvorens men tot afspraken komt over een evenwichtige transitie, als eerste stap alle puzzelstukjes met de financiële effecten transparant in kaart te brengen. De VCP heeft zich altijd hardgemaakt voor compensatie, omdat het de groepen rond de middelbare leeftijd fors kan raken in hun te verwachten pensioen. Compensatie is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van werkgevers en werknemers en de afspraken hierover moeten landen in een concreet transitieplan en een daaronder vallend financieringsplan.
Om ervoor te zorgen dat de overgang naar de Wtp niet nadelig uitwerkt voor mensen van middelbare leeftijd, moeten bij de transitie afspraken gemaakt worden over de compensatie. Deelnemers die nog pensioen opbouwen en nadeel hebben doordat de pensioenopbouw verandert, moeten daarvoor gecompenseerd worden. Het toekomstig financieel nadeel als gevolg van de afschaffing van de doorsneesystematiek zou passend en kostenneutraal gecompenseerd moeten worden. Afhankelijk van de afspraken kan de compensatie bekostigd worden uit de premie of uit het fondsvermogen.
De compensatie wordt door de pensioenfondsen berekend en is mede afhankelijk van de financiële situatie van het pensioenfonds en het moment van overstap naar het nieuwe stelsel. De afspraken voor compensatie verschillen per pensioenfonds en gaan onder andere over de:
In de meeste gevallen moet je actief deelnemer zijn om in aanmerking te komen voor compensatie. Als mensen (al dan niet gedwongen) van baan verwisselen, minder gaan werken, mantelzorger of zelfstandige worden, of andere wisselingen doormaken waarbij de pensioenpremie niet wordt doorbetaald, dan kan dit ten koste gaan van hun recht op compensatie. Dit is volledig afhankelijk van de afspraken die voor de transitie bij het betreffende pensioenfonds gemaakt zijn over de toekenning van de compensatie. Bij wijziging van de werksituatie moet u dus extra alert zijn wat dat betekent voor de pensioenregeling en de toekenning van de compensatie.
Laat u dan altijd goed informeren over de gevolgen hiervan. Ga na wat uw rechten op compensatie zijn. Neem bij twijfel contact op met uw pensioenfonds of vakbond.
Dan kunt u in een aantal gevallen nog een vrijwillige voortzetting van uw pensioenopbouw bij uw vorige pensioenfonds overwegen. Als u uw pensioenopbouw vrijwillig voortzet, wordt u vaak als actieve deelnemer beschouwd waardoor u in aanmerking kunt komen voor een eenmalige compensatie. Ook hiervoor geldt, laat u goed informeren. Bijvoorbeeld door uw pensioenfonds of vakbond.
U vindt ook informatie op de websites pensioenduidelijkheid.nl en werkenaanonspensioen.nl.