Menu

De drie vakcentrales FNV, CNV en VCP sturen een brandbrief naar de Tweede Kamer, omdat veel werklozen sinds 1 juli 2015 een te lage werkloosheidsuitkering (WW) hebben gekregen. Zij wachten nog steeds op compensatie. Minister Asscher heeft de Tweede Kamer laten weten dat hij deze mensen pas vanaf 1 april 2017 helpt. Dat duurt volgens de drie centrales veel te lang: “Voor schrijnende gevallen moet er héél snel een oplossing komen”, zegt CNV voorzitter Maurice Limmen.

De problemen voor de groep werklozen begonnen met het zogenoemde Dagloonbesluit dat sinds 1 juli 2015 van kracht is. Daarin staat hoe de hoogte van de WW-uitkering wordt bepaald. Starters op de arbeidsmarkt, flexwerkers en werknemers die na 104 weken ziekte een beroep moeten doen op de WW kregen hierdoor opeens een te lage uitkering. Na protesten van de vakbonden beloofde minister Asscher eind november 2015 dat het Dagloonbesluit zou worden gerepareerd. Verder zou er een compensatieregeling komen voor mensen die hierdoor gedupeerd waren. FNV vicevoorzitter Gijs van Dijk: ‘Mensen die hiervan de dupe zijn kunnen dat inkomensgat onmogelijk overbruggen en komen in grote problemen, dat horen wij van vele honderden leden van ons.’

Niet gecompenseerd

Daarnaast is er een grote groep die op dit moment buiten de compensatieregeling valt. Het gaat hier om mensen die eerder werkloos zijn geweest en na 1 juli 2015, de ingangsdatum van Het Dagloonbesluit 2015, opnieuw werkloos zijn geworden. Zij kunnen nog een beroep doen op de oude WW-regeling, maar als dat recht vervalt wordt hun uitkering een stuk lager. Het UWV stelt dat compensatie voor deze groep heel lastig is, omdat de automatiseringssystemen dat niet uit kunnen voeren. De vakbonden vinden dat er een oplossing gezocht moet worden door bijvoorbeeld tijdelijk extra capaciteit bij het UWV aan te trekken. VCP voorzitter Nic van Holstein: “Het gaat om naar schatting 40.000 gedupeerden die onterecht een te lage uitkering kregen en ook compensatie verdienen.”

Voorbeelden:

– Jan is adviseur en heeft al langer dan een jaar (toegekend voor 1 juli 2015) een WW-uitkering ter hoogte van € 1980,- (70% van € 2828,-). Hij vindt op een gegeven moment weer werk waarbij hij € 2175,- per maand verdient. Het is een fulltime baan, zodat de WW-uitkering wordt beëindigd. Na 7 maanden wordt Jan ontslagen. Jan heeft een nieuw WW-recht opgebouwd, omdat hij langer dan 6 maanden heeft gewerkt. Daarnaast heeft Jan recht op 1 maand herleving van zijn oude WW-uitkering waardoor hij die maand € 1980,- krijgt. Echter na die maand valt Jan terug op de nieuwe WW-uitkering, die aanzienlijk lager is dan zijn oude recht. Het loon, na aftrek van één maand, wordt gedeeld door 261 dagen. De WW-uitkering bedraagt dan € 761,25 per maand (70% van 1087,50).

– Jantine woont met haar dochter Anne in een koophuis met een netto hypotheek van € 600,- per maand. Als procesoperator verdient Jantine € 2000,- bruto per maand. Jantine wordt echter langdurig ziek in augustus 2013. Vanaf augustus 2014 krijgt zij nog 70% van haar laatstverdiende loon (€ 1400,- bruto per maand). In augustus 2015 wordt Jantine gekeurd voor de WIA en blijkt zij minder dan 35% arbeidsongeschikt te zijn. Hierdoor valt zij terug op de WW. Deze is echter onder het Dagloonbesluit 2015 70% van het loon dat zij in het tweede ziektejaar kreeg. Dat betekent dat zij nog maar een uitkering van € 980,- bruto per maand krijgt. Het water staat Jantine inmiddels aan de lippen en ze staat op het punt haar huis te verkopen. Jantine en anderen kunnen niet wachten tot 1 april 2017. Volgens de vakbonden moet er oplossing komen voor deze schrijnende gevallen.

Laatste nieuws

Aleid Ringelberg benoemd als vice-voorzitter VCP

24 november 2022

Aleid Ringelberg benoemd als vice-voorzitter VCP

VCP geschokt over nieuwste cijfers corona schoolachterstand

18 november 2022

VCP geschokt over nieuwste cijfers corona schoolachterstand

VCP content over degelijke Kamerbehandeling Pensioenwet

17 november 2022

VCP content over degelijke Kamerbehandeling Pensioenwet

Meer nieuws
Naar boven