Menu

MHP-congres HogerOp in Diversiteit: uw allerlaatste kans !

Het MHP-Congres 2008 met als thema ‘HogerOp in diversiteit’ zal plaatsvinden op donderdagmiddag 5 juni in het SER-gebouw te Den Haag. Centraal staat de positie van multicultureel, hoger opgeleid talent op de arbeidsmarkt en de werkvloer. Wij zijn verheugd dat SER-voorzitter Alexander Rinnooy Kan, RWI-voorzitter Pieter Jan Biesheuvel en Forum-bestuursvoorzitter Sadik Harchaoui bereid zijn gevonden om tijdens het congres hun visie op het thema te geven. Dagvoorzitter is Harry Starren van De Baak.
Het aantal aanmeldingen loopt snel op. Mocht u zich nog niet hebben opgegeven voor het congres, doe dit dan dus snel ! Opgave gaat heel gemakkelijk via onze website www.hogeropindiversiteit.nl. Deelname is kosteloos. Wij verwelkomen u graag op 5 juni !

Wajong wordt fundamenteel gewijzigd

Op 23 mei buigt de ministerraad zich over een voorstel van minister Donner van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) om de systematiek van de Wajong (Wet arbeidsongeschiktheids-voorziening jonggehandicapten) fundamenteel te wijzigen. In tegenstelling tot de huidige Wajong wordt er in de toekomst vooral gekeken naar wat iemand (nog) wel kan. Op dit moment worden jonggehandicapten op 18-jarige leeftijd gekeurd voor de rest van het leven. In het voorstel van Donner komen er twee keuringen: een met 18 (voorlopige keuring) en een met 27 jaar (definitieve keuring). De reden is dat iemand op zijn 18e nog niet uitontwikkeld is. Belangrijk is wat iemand nog wel kan en of er nog uitzicht bestaat op de mogelijkheid dat (deels) een eigen inkomen zal worden verworven, bijvoorbeeld via extra scholing of na opgedane werkervaring. Het verdiende loon wordt vanuit de Wajong in beginsel aangevuld tot een totaalinkomen van 70% van het minimumloon. Voor zwaar lichamelijk en geestelijk gehandicapten kan de voorlopige keuring worden omgezet in een definitieve keuring als duidelijk is dat deze personen nooit in een eigen inkomen zullen kunnen voorzien. Zij krijgen dan (net zoals nu het geval is) een uitkering van 75% van het minimumloon. Bedoeling is dat het voorstel in 2010 wordt doorgevoerd en dat het (voorlopig) alleen voor nieuwe gevallen zal gelden.

De MHP onderschrijft het principe van de minister. Schrijf mensen niet op 18-jarige leeftijd voor de rest van hun leven af. Wel maakt de MHP enkele kanttekeningen bij het huidige voorstel:

  • er lijkt een verkapte bezuiniging te worden doorgevoerd door mensen die mogelijk nog wel enig uitzicht op werk hebben, een aanvulling tot 70% mee te geven (is nu 75%);
  • het is de vraag of het UWV over voldoende capaciteit beschikt om deze mensen intensief te ondersteunen op weg naar werk;
  • het is de vraag of er voldoende banen (veelal aangepast werk) voor deze doelgroep zijn en of de verwachtingen niet te hoog gespannen zijn;
  • bij veel Wajongers vertoont de handicap of chronische aandoening vaak een grillig verloop, ook na de leeftijd van 27 jaar. Deze mensen moeten dus wel recht houden op een terugval naar de Wajong.

Na bespreking binnen het kabinet zal het voorstel nader moeten worden uitgewerkt in de vorm van een wetsvoorstel. In het Voorjaarsoverleg van 24 april jl. is afgesproken dat eerst nog met sociale partners binnen de Stichting van de Arbeid (StvdA) wordt gesproken, voordat dit voorstel naar de Tweede Kamer wordt gestuurd.

MHP ondersteunt Unie-pleidooi verhoging kilometervergoeding

De MHP vindt het niet te verkopen dat werknemers geld moeten meebrengen om op en neer te kunnen reizen naar hun werk. In de meeste cao’s is afgesproken dat de kilometervergoeding aansluit bij de fiscale vergoeding van € 0,19. Onlangs heeft de vakbond De Unie, aangesloten bij de vakcentrale MHP, een pleidooi gehouden om de fiscaal vrijgestelde kilometervergoeding te verhogen van € 0,19 naar € 0,22 per kilometer, gezien de ontwikkeling van de brandstofprijzen. Ook MKB-Nederland en een aantal politieke partijen zijn voorstander van een hogere kilometervergoeding, nu de brandstofprijzen aan de benzinepomp een recordhoogte hebben bereikt.

SER brengt kort briefadvies uit over hoger onderwijs en onderzoek

De Sociaal-Economische Raad (SER) heeft besloten om een kort briefadvies uit te brengen over de strategische agenda voor het hoger onderwijs-, onderzoek- en wetenschapsbeleid, genaamd ‘Het Hoogste Goed’. Relevant daarvoor is ook de beleidsreactie van de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap op het eindrapport van de Commissie ‘Ruim baan voor talent’. Daarin staat centraal de overtuiging dat de basiskwaliteit van het hoger onderwijs niet voldoende is voor een kenniseconomie. Een zo goed mogelijke match van studie en student is een voorwaarde voor het maximaal uitdagen van studenten en het bereiken van excellentie. Kern van de voorstellen van de minister is dat hoger onderwijsinstellingen alleen in uitzonderlijke gevallen het collegegeld mogen verhogen en mogen selecteren aan de poort. Dit standpunt van de minister strookt met de vroegere opvatting van de SER. In het onderstaande wordt de voorlopige opvatting van de SER weergegeven, evenals enkele punten die voor de MHP van centraal belang zijn. Het is de bedoeling dat het briefadvies eind deze maand klaar is.

De totstandkoming van een ambitieuze studiecultuur en van een excellent onderzoeksklimaat verdienen ook volgens de SER de grootst mogelijke inzet van alle betrokkenen. In diverse adviezen is de SER daarop al eerder ingegaan. In grote lijnen onderschrijft de SER de ambities van deze strategische agenda dan ook van harte. Tegelijkertijd maakt de Raad zich zorgen over de vraag hoe het kabinet de genoemde ambities denkt te realiseren. De strategische agenda is daarover niet bijzonder concreet en heeft dus op allerlei punten verdere uitwerking nodig. De SER meent dat de middelen en instrumenten die in de strategische agenda zijn voorgesteld, niet toereikend zijn om de gestelde doelen te kunnen halen. Bovendien is de SER-commissie Arbeidsmarkt- en Onderwijsvraagstukken (AMV), waarin het advies wordt voorbereid, van mening dat de voorgestelde hoogte van de investeringen in het hoger- en wetenschappelijk onderwijs niet aansluiten bij de ambities van het kabinet op dit terrein.
In lijn met de opvatting van de MHP benadrukt de SER ook het evidente belang van een brede basis in het hoger onderwijs (wo en hbo) als voorwaarde voor een hoog opgeleide beroepsbevolking. Enerzijds kunnen toppen (van excellentie) slechts bestaan bij de gratie van een stevig onderwijsfundament, anderzijds dwingt de participatieagenda tot een verdere upgrading van de beroepsbevolking in den brede. Permanente aandacht is nodig voor een gemakkelijkere toegang tot en een grotere deelname aan het hoger onderwijs.
De strategische agenda erkent de noodzaak van meer stimulansen voor internationalisering, maar bevat weinig concrete handvatten. Zeker voor het hoger onderwijs geldt volgens de commissie AMV dat het te sterk nationaal is georiënteerd. Terecht merkt de SER op dat in de praktijk slechts een betrekkelijk klein percentage van de studenten daadwerkelijk in de gelegenheid is om enkele maanden in het buitenland te gaan studeren. De MHP is van mening dat in dit verband ook aandacht nodig is voor de taalvaardigheid van studenten – typisch een taak voor het voortgezet onderwijs.
Een goede verbinding tussen onderwijs en arbeidsmarkt is cruciaal en wordt in de strategische agenda dan ook zonder meer erkend. Concrete aanknopingspunten op dit terrein zijn echter ver te zoeken in die agenda of blijven steken bij vermelding van een initiatief dat door partijen in het veld al is genomen; dit betreft de instelling van de horizontale platforms tussen domeinen in het hbo en de arbeidsmarkt.
De SER zou graag zien dat de minister bij de verdere uitwerking met creatieve voorstellen komt, die gericht zijn op een naadloze verbinding tussen vooral het hbo en de arbeidsmarkt.

SER stelt advies over de waarden van landbouw vast

Op 16 mei jl. heeft de SER een advies over de waarden van landbouw vastgesteld. In dit advies bepleit de SER een grondige hervorming van het Europese en het nationale landbouwbeleid. Het gaat erom maatschappelijke prestaties van agrarische ondernemers te belonen voor zover de markt daarvoor niet zorgt.
FNV-bestuurder Henk van der Kolk sprak namens de drie vakcentrales. Hij was tevreden met het advies, maar miste het aspect ‘kwaliteit van de arbeid’. Duurzame landbouw betekent voor de vakbeweging ook verbetering van de arbeidsverhoudingen, arbeidsomstandigheden en de arbeidsmarkt. Hij riep de bonden en de landbouworganisaties op hierover met elkaar en met de minister van Landbouw in overleg te treden.
Op verzoek van de MHP ging Van der Kolk ook in op de wereldwijde voedselcrisis. De vakbeweging maakt zich daarover ernstig zorgen en betreurt dat dit onderwerp nauwelijks in het advies terugkomt. In dit licht legt de vakbeweging extra nadruk op de maatschappelijke waarde van voedselzekerheid, die in het advies wel voorkomt. De beleidswijzigingen die het advies voorstelt, moeten dan ook zodanig worden uitgewerkt, dat ze de voedselcrisis niet versterken.
Commissievoorzitter prof. Louise Fresco stelde dat de SER een voortrekkersrol vervult met dit advies. Het gaat om een omkering van een aanbodgedreven naar een door de maatschappelijke vraag gestuurd beleid. De huidige hoge voedselprijzen bieden hiervoor goede mogelijkheden. Van belang is nu dat er criteria worden ontwikkeld voor het door de SER geïntroduceerde viergroepenmodel voor de grondgebonden landbouw. Ze bepleitte het SER-advies ook internationaal, in EU- en OESO-verband aan de orde te stellen.

Oud-eurocommissaris voor de handelspolitiek en onafhankelijk lid van de commissie van voorbereiding prof. Frans Andriessen constateerde dat de landbouw van hoeksteen van het Europees beleid is verworden tot molensteen om de nek van de europolitici. Werd eerst overproductie gesubsidieerd (boterbergen en melkplassen) en daarna het niet-produceren gefinancierd (braakleggen), nu bepleit de SER in plaats hiervan de boeren te betalen voor maatschappelijk gewenste, niet-vermarktbare groene diensten. Hij constateerde dat markten politiek manipuleerbaar zijn en dat ze niet zonder tucht kunnen, maar waarschuwde voor overregulering. Voor voedsel zou dat desastreus kunnen zijn en dat kunnen we ons niet veroorloven omdat we niet zonder voedsel kunnen.

MHP betrokken bij vaststelling concept Jaarplan 2009 van de RWI

In de RWI-vergadering van 19 juni zal het concept Jaarplan 2009 van de RWI worden vastgesteld. Het RWI-secretariaat onderneemt een aantal stappen om tot een beleidsmatig deel van het (concept) Jaarplan te komen. Belangrijk onderdeel daarbij is een rondje gesprekken dat wordt gehouden met leden van de Raad/Commissie. Inmiddels is ook gesproken met de MHP. In 2008 heeft de Raad zeven hoofdthema’s benoemd (verhogen arbeidsparticipatie, uitvoering en samenwerking, onderkant van de arbeidsmarkt, re-integratie, onderwijs – arbeid, inkomen en expertise). Deze hoofdthema’s blijven voor 2009 behouden. De invulling van deze hoofdthema’s vindt plaats met activiteiten die doorlopen uit 2008, activiteiten die elk jaar terugkomen en nieuwe activiteiten.
Voor wat betreft de ‘verhoging arbeidsmarktparticipatie’ zal daarbij mede op verzoek van de MHP de nodige aandacht worden besteed aan de situatie van ouderen. De MHP maakt zich ernstige zorgen over de relatief hoge werkloosheidscijfers onder 45-plussers en de kleine kans voor deze groep om weer aan het werk te komen. Naast aandacht voor het aan het werk houden van ouderen wenst de MHP daarom ook de nodige aandacht te besteden aan het weer aan het werk komen van oudere werklozen. Uiteraard niet door deze groep in lager gekwalificeerde arbeid aan de slag te laten gaan, maar op het eigen niveau. Ook de combinatie arbeid en zorg staat terecht opnieuw op de agenda.
De volgende thema’s zijn eveneens voor de MHP hoogst relevant. Voor wat betreft de ‘onderkant van de arbeidsmarkt’ staat de nodige aandacht voor Wajongers op de agenda. Waar het gaat om re-integratie staat terecht de effectiviteit daarvan geagendeerd. In het kader van de goede onderlinge aansluiting van onderwijs en arbeid staat het vervolg van het scholingsmanifest en de discussie rondom Leven Lang Leren op de agenda.
Gezien de vele activiteiten die doorlopen uit 2008, de reguliere activiteiten en de toegenomen activiteiten in het verlengde van eerder uitgebrachte adviezen/handreikingen is voor 2009 gekozen voor een beperkt aantal ‘nieuwe activiteiten’. De MHP heeft in dit kader aandacht gevraagd voor de situatie van herintreders op de arbeidsmarkt. De RWI zal in dit kader proberen om een vervolg te geven aan haar eerdere advies inzake niet-uitkeringsgerechtigde werkzoekenden (Nuggers). Een ander belangrijk nieuw deelthema is globalisering.

Uitspraak Rechtbank Haarlem WGA-premie

Op 6 mei jl. heeft de rechtbank van Haarlem een uitspraak gedaan over de vraag of de WGA-premie moet worden verhaald op het brutoloon of het nettoloon. Sinds 1 januari 2007 mag de werkgever de helft van de WGA-premie verhalen op de werknemer. Volgens de Ministeries van SZW en Financiën moet de premie worden ingehouden op het nettoloon, en niet – zoals gebruikelijk bij premies voor werknemersverzekeringen – op het brutoloon. Tegen de Belastingdienst is door een werknemer een procedure hierover aangespannen.
De rechtbank is van mening dat de WGA-premie negatief loon is en dat het daarom op het brutoloon moet worden ingehouden. De StvdA heeft hierop al meerdere malen aangedrongen bij de ministers van SZW en Financiën, maar heeft nog steeds geen reactie op gekregen. Mogelijk dat de uitspraak van de rechtbank schot brengt in dit verhaal. Het is voorlopig afwachten hoe van overheidszijde zal worden gereageerd op de uitspraak van de rechtbank Haarlem.

Laatste nieuws

Aanpak arbeidskrapte: ga het gesprek aan met je mensen

30 juni 2022

Aanpak arbeidskrapte: ga het gesprek aan met je mensen

Tijdelijk personeel

29 juni 2022

Wijzigingen arbeidsrecht en sociale zekerheid

‘Meer professionele ruimte in publieke dienstverlening’

29 juni 2022

‘Meer professionele ruimte in publieke dienstverlening’

Meer nieuws
Naar boven